Meijer van Kloeten, Ursula van Kloeten-Israelowicz en dochtertje Yvonne van Kloeten

Newtonplein 9a, Schiedam (stenen geplaatst op  maandag 14 mei 2018)

We beginnen het levensverhaal van Meijer van Kloeten bij zijn grootvader, Joseph Salomon van Kloeten: grootvader wordt geboren in 1830 te ’s Hertogenbosch, als oudste zoon van Salomon Joseph van Kloeten en Antje Rijst.

Dit is een gezin met zeven kinderen: vijf jongens -waarvan één dood geboren- en twee meisjes. Joseph Salomon trouwt op donderdag 9 maart 1865 in Nijmegen met Judith Wallig. Meijer van Kloeten is de zoon van zijn jongste zoon Mozes die op zondag 29 mei 1881 te Rotterdam zal worden geboren.

Oude stadhuis van Nijmegen

Vóór Mozes zijn al geboren: Salomon (21-12-1865), Sophia (1867), Johanna (15-01-1871), Emanuel (14-04-1874) en zijn tweelingzus Margaretha; de laatste overlijdt al na 4 maanden, op zaterdag 22 augustus 1874. Kort voor de geboorte van Mozes verhuizen Joseph Salomon en Judith Wallig vanuit Zierikzee naar de Veemarkt, nummer 14, in Rotterdam. Op dit adres wordt Mozes geboren.

Adresboek gemeente Rotterdam 1881

Joseph Salomon onderhoudt zijn gezin door als “parapluiemaker” te werken. Het is natuurlijk geen vetpot en in die jaren heerst er in vele gezinnen grote armoede. Het is een gewoon gezin met een vader die voor de kost zorgt en een moeder die het huishouden doet. Aan de Veemarkt 14 woont het gezin tot 1884 om dan te verhuizen naar de Vogelenzang 21. Deze straat loopt van de Korte Pannenkoekstraat naar de Korte Baanstraat.

Parapluiemaker

 

 

vogelenzang

Vogelenzang, Rotterdam

 

 

 

 

 

 

 

Twee jaar later -vader is nog steeds parapluiemaker- verhuist het gezin van de Vogelenzang 21 naar nummer 24.

adresboek 1886 j s van kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1886

 

Dat wordt ook het overlijdensadres want op maandag 2 april 1888 sterft Joseph Salomon op 57-jarige leeftijd; Judith is dan 50 jaar oud en zij blijft achter met haar kinderen.

Achttien maanden later trouwt vanuit dit adres, Vogelenzang 24, de hoogzwangere Sophia (22 jaar oud) met Isaäc Spetter, (20 jaar oud; geboren op zaterdag 31 oktober 1868). De trouwerij vindt plaats op woensdag 23 oktober 1889 te Rotterdam, in het stadhuis aan de Kaasmarkt-Gedempte Botersloot.

Oude stadhuis van Rotterdam

Haar zus Johanna (19 jaar oud) trouwt hier tien maanden  later ook, met Elias Levij, 23 jaar oud (geboren op woensdag 24 juli 1867), op woensdag 20 augustus 1890. De drie broers zijn op dat moment 16 (Emanuel), 24 (Salomon) en pas 9 jaar oud: Mozes.

Judith is dan, op maandag 9 december 1889, al grootmoeder van haar eerste kleinzoon geworden. Het jongetje is de zoon van Sophia en Isaäc Spetter. Hij wordt Joseph genoemd, naar zijn opa Joseph Salomon die helaas nooit de geboorte van kleinkinderen heeft meegemaakt, hij is immers alweer anderhalf jaar dood.

Moeder en oma Judith blijft tot 1891 met haar zoons wonen aan de Vogelenzang 24, om dan te verhuizen naar de Schoolstraat 4. Deze straat dankt haar naam aan de H.B.S. aan het Van Alkemadeplein, die in 1875 was geopend. De straat heette voor die tijd Jodenlaan, naar het Joodse kerkhof, waarheen ze leidde. Ook de naam Laan van het Joodsche Kerkhof kwam voor. Aan de Schoolstraat wonen ze maar een jaar, om dan in 1892 door te verhuizen naar de Lange Warande 126. Deze straatnaam betreft het westelijk deel van de Goudseweg tot de Boezemsingel.

adresboek 1892 wedeuwe j s van kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam 1892

Na twee jaar verhuist Judith weer, maar dan naar de Goudscherijweg 212.

adresboek 1894 wedeuwe j s van kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1894

Oude stadhuis van Utrecht

Ook hier blijft zij maar 2 jaar wonen en dan verhuist zij, in 1896, naar de Willemstraat 36 in Delfshaven. Zij is dan alweer 59 jaar. Hier blijft zij hier wonen, tot 1906 volgens de ene gezinskaart of 1910 volgens een andere gezinskaart.

In het jaar 1901 was er wat te vieren voor Judith; dan trouwt haar zoon Emanuel, handelaar in gasgloeilamp- artikelen. Als 27-jarige trouwt hij op woensdag 19 juni 1901 in Utrecht met Esther Creveld, 42 jaar (geboren op zaterdag 2 april 1859, te Utrecht). Zij is dus een stuk ouder dan Emanuel.

Emanuel blijft na het trouwen eerst in Utrecht wonen, om vervolgens in 1907 terug te keren naar Rotterdam, om te gaan wonen aan de Bokelstraat 12.

 

 

Adresboek 1907 rotterdam E van kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1907

Ter hoogte van de huidige Heer Bokelweg lag van 1887 tot 1940 de Bokelstraat.

zomerhofplein-1900

Het Zomerhofplein gezien uit het westen vanaf de Rotterdamse Schie, 1900. Links de Zomerhofstraat en rechts de Bokelstraat.

 -creveld

Gezinskaart Emanuel van Kloeten

Gezinskaart Emanuel van Kloeten -creveld achterkant

Zijn moeder Judith komt in 1910 bij haar zoon Emanuel inwonen.

Een jaar na het huwelijk van Emanuel trouwt, op woensdag 25 juni 1902, Salomon, de oudste zoon van Judith (zij is dan 64 jaar), in Rotterdam met zijn bruid Mina Dormitz. Mina is een dochter van Jacob Dormitz en Klaartje van Gelderen. Salomon is van beroep bootwerker; hij is dan 36 jaar en Mina tien jaar jonger.

 en Mietje Bamberger

Gezinskaart Benjamin Salomon van KLoeten

gezinskaart salomon van kloeten dornitz achterkant

En dan de laatste, de jongste zoon van Judith en Joseph, Mozes. Hij is van beroep magazijnbediende en hij trouwt op donderdag 4 juli 1907, in het stadhuis van Rotterdam, met Sara Boesman. Sara is geboren op  maandag 24 januari 1887 te Rotterdam en is een dochter van Joseph Boesman en Susanna van Rooijen. Na het huwelijk gaat Mozes samen met zijn jonge vrouw wonen aan de Schiestraat 12; daar wordt op woensdag 16 januari 1907 hun eerste kindje, Henriette, geboren.

 

adresboek 1911 Moses Kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1907

De Schiestraat kreeg haar naam omdat ze op de Schie uitliep. Voor het bombardement in mei 1940 liep deze straat van de Schiekade naar de Delftsestraat.

Gezinskaart Mozes van Kloeten

Gezinskaart Mozes van Kloeten achterkant

adresboek 1908 Moses Kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1908

Geboorteakte Meijer van Kloeten

In de Schiestraat worden ook geboren hun zoon Joseph, op donderdag 26 november 1908, en hun zoon Meijer, op 21 november 1909.

Meijer van Kloeten wordt om zes uur in de ochtend geboren. Van de geboorte wordt op 22 november bij de gemeente Rotterdam aangifte gedaan door de verloskundige, Bertha Cohen. Bij de aangifte zijn Johan Hubertus de Graaff, gemeenteklerk, en Laurens Rikkers gemeenteklerk, getuigen.

 

In 1913 verhuist het gezin van Mozes en Sara naar de Almondestraat 15c. Daar komt op vrijdag 15 augustus 1913 Salomon, om elf uur ’s avonds ter wereld.

adresboek 1913 Moses Kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1913

Geboorteakte Salomon van Kloeten

Geboorteakte Salomon van Kloeten

Sara raakt weer in verwachting en zo krijgen Mozes en Sara op zaterdag 13 mei 1916 weer een kind, een meisje dat Susanna zal gaan heten.

Op zondag 8 september 1918 viert Judith van Kloeten-Wallig, samen met kinderen, kleinkinderen, achterkleinkinderen en andere familieleden en vrienden, haar 80ste verjaardag. Zie ook de advertentie, geplaatst door Mozes van Kloeten die op dat moment aan de Jacobustraat 18 woont.

NIW 06-09-1918

Nieuw Israëlitisch Weekblad 06-09-1918

Judith heeft in 1918 alweer een ander adres waar zij inwoont en wel bij ene Meijer in Den Haag, aan de Amersfoortsestraat 6a. Daar vertrekt zij weer in 1919, om dan terug bij haar zoon Emanuel aan de Vijverhofstraat 17b in te gaan wonen.

In 1923, op maandag 28 april, wordt de vierde zoon van Mozes en Sara geboren; hij krijgt de naam Aron. Helaas gaat het niet allemaal goed in het leven van Aron: hij is opstandig en wordt daarom uit huis geplaatst. Hij komt terecht in de Berg-Stichting in Laren (Noord-Holland).

bergstichting laren

Berg-Stichting Laren

In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog is de Berg-Stichting, aan de Doodweg 6 in Laren, een instelling voor uit huis geplaatste joodse kinderen. De instelling staat goed te boek, en dat is in de eerste plaats te danken aan directeur Jan Reitsema. Hoewel hij geen joodse achtergrond heeft, past hij naadloos bij de stichting. Er heersen bij de Berg-Stichting geen strenge verplichtingen, maar juist een huiselijke inrichting, gezinssfeer, individuele begeleiding en gelegenheid voor verschillende vrijetijdsbestedingen en uitstapjes. berg stichting

 

Later komt Aron terecht in Het Apeldoornsche Bos, een Joodse psychiatrische inrichting, die van 1909 tot 1943 gevestigd is aan de Zutphensestraat te Apeldoorn. Van 1938 tot 1943 bevindt zich naast Het Apeldoornsche Bosch het Achisomog, (dit betekent “mijn broeder tot steun”). Achisomog biedt opvang aan Joodse kinderen, met opvoedingsmoeilijkheden of met wat men dan zwakzinnigheid noemt.

 

Het Apeldoorschebosch

Aron verblijft in Het Apeldoornsche Bos tot het hem beter gaat en hij de instelling kan verlaten. Hij heeft werk, als metaalbewerker, en woont aan de Utrechtseweg 247, in Amersfoort, samen met Joseph Swaalep (leerling-bakker) en met Nathan Letterie (leerling-kleermaker). Dat is het laatst bekende woonadres van Aron; hij sterft, of wordt vermoord, op woensdag 30 september 1942 te Auschwitz.

 In 1925 overlijdt Judith van Kloeten-Wallig die dan nog steeds bij haar zoon inwoont in de Vijverhofstraat 17; het is woensdag 10 juni, ze is 87 jaar en moeder van zes kinderen, oma van 17 kleinkinderen en overgrootmoeder van 7 achterkleinkinderen.

We gaan terug naar Mozes en Sara. Als Sara in 1927 wederom in verwachting raakt, wordt op dinsdag 21 februari 1928 hun vijfde zoon Emanuel geboren. Mozes en Sara wonen aan de Groene Hilledijk 144 b. Mozes werkt dan als handelaar in manufacturen. Hier blijven zij wonen tot in 1930. Hier wordt ook hun laatste zoon Bernard geboren, op maandag 10 maart 1930. Zo lijkt het gezin wel compleet, met acht kinderen in 23 jaar tijd.

adresboek 1928

Adresboek gemeente Rotterdam, 1928

 

adresboek 1929 Moses Kloeten

Adresboek gemeente Rotterdam, 1929

Voor de geboorte van Bernard is het eerste kind van Mozes en Sara al het huis uit: op woensdag 17 april 1929 trouwt Henriette op 22-jarige leeftijd, in het stadhuis van Rotterdam, met Victor Levie (28 jaar). Victor Levie is een zoon van Maurits Levie en Sara Joseph Cohen (hij is geboren op dinsdag 29 januari 1901).

Voorwaarts 05-04-1929 Levie en van Kloeten aankondiging huwelijk

Huwelijks aankondiging huwelijk Victor Levie en Henriette van Kloeten

Na het huwelijk verhuist Henriette met haar man mee naar Breda. Hier krijgt het echtpaar drie kinderen: Max (geb. 31 juli 1930), Joseph (geb. 24 januari 1933) en dochter Sonja (geb. 12 september 1938).

Gezinskaart van Henriette van Kloeten-Levij

Gezinskaart van Henriette van Kloeten- Victor Levij

Victor is een bekende persoonlijkheid in Breda. Al was zijn schoolgang niet altijd vanzelf gegaan, hij had zich, ongeschoold opgewerkt tot een uitstekend veehandelaar. Hij kiest zijn woonadres professioneel, aan de Merelstraat 29: vlakbij het nabijgelegen slachthuis. Het gezin Levie zijn in 1937 de eerste bewoners in deze nieuwe straat.

Merelstraat breda

Slachthuis Belcrum Breda

Maar wanneer de oorlog uitbreekt duurt dit niet lang: op bevel van Rauter, SS-Gruppenführer en Generalleutnant der Polizei, wordt per woensdag 17 september 1941, voor Joden het slachthuis verboden gebied; dit geldt ook voor de veiling.

Rauter

Hans Albin Rauter (1895-1949) – frontaal op de foto- was -bron: Wikipedia- verantwoordelijk voor de deportaties van Joden naar concentratie- en vernietigingskampen, de bestrijding van het Nederlandse verzet en de verplichte tewerkstelling van Nederlandse mannen in Duitsland.

Victor, zijn vrouw en drie kinderen worden in 1942 op transport gezet. Henriette en de kinderen worden omgebracht in Auschwitz, vermoord door de Nazi’s. Max  van 12, Joseph van 9 en Sonja van 4 worden gelijktijdig met hun moeder naar de gaskamer gestuurd, op donderdag 3 september 1942. Vader Victor sterft op  vrijdag 31 maart 1944, ergens in Midden Europa.

We gaan terug naar Mozes, de vader van Henriette, en van Meijer. Mozes werkt in 1930 als handelaar in manufacturen, maar helaas gaan de zaken niet al te best en wordt hij in datzelfde jaar failliet verklaard door de rechtbank van Rotterdam. Hij is dan 49 jaar.

 

Mozes van KloetenMozes van Kloeten 2

De tijd 28-03-1930Nederlandse Staatscourant 12-04-1930 Moses van Kloeten

Drie jaar later overlijdt Sonja, de zus van Mozes, op woensdag 25 januari 1933 te ’s Gravenhage; zij wordt begraven op zaterdag 28 januari 1933, op het Joodse kerkhof te Wassenaar.

De oudste zoon van Mozes en Sara, Joseph, treedt op donderdag 26 juli 1934 te Breda in het huwelijk met zijn bruid Sientje Henriette Lousette Jacobij. Zij is de dochter van Leonard Jacobij en Victoria Creveld. Joseph is dan 25 jaar en Sientje 26 jaar. Als Sientje 27 jaar is wordt Leon Maurice geboren, op zaterdag 8 juni 1935 te Breda. Samen krijgen Joseph en Sientje nog drie kinderen: Henriette Victoria (geb. 7 juni 1937), Emile (geb. 4 juni 1938) en Julia Margaretha (geb. 24 maart 1942), allen geboren te Breda.

Gezinskaart Joseph van Kloeten Jacobij

gezinskaart joseph van kloeten fierlie achterkant

Ook voor Joseph, zijn vrouw Sientje en hun kinderen geldt hetzelfde patroon: in de oorlog worden zij opgepakt door de Nazi’s en op transport gezet, eerst naar Kamp Westerbork, en vandaaruit, op vrijdag 20 november 1942 met transport 37 naar Auschwitz gedeporteerd. De trein telt 13 wagons met aan boord 726 joodse mannen, vrouwen en kinderen. Sientje (35 jaar) en haar vier kinderen, Leon Maurice (7 jaar), Henriette Victoria (5 jaar), Emile (4 jaar) en Julia Margaretha van 7 maanden (!), worden bij aankomst, samen met 639 anderen, onmiddellijk in de gaskamers van Auschwitz vergast. Vader Joseph heeft waarschijnlijk nog moeten werken in het kamp, maar uiteindelijk wordt ook hij het slachtoffer van het Nazi-regime. Hij overlijdt op zondag 28 februari 1943 te Auschwitz.

auschwitz

Toegangspoort Auschwitz -Birkenau

 

Als Mozes, vader van Meijer, 56 jaar is, overlijdt ook zijn zus Johanna, op 66-jarige leeftijd, op donderdag 4 november 1937 in Hillegersberg. Johanna woont dan aan de Nieuwe Kerkstraat 4. Zij wordt begraven op de Joodse begraafplaats aan het Toepad.

telegraaf 0.6-11-1937

johanna van kloeten levij

Johanna van Kloeten

 

 

800px-IJzeren_toegangshek_tot_de_Joodse_begraafplaats_te_Rotterdam_-_Rotterdam_-_20127626_-_RCE

Toegang Joodsbegraafplaats Toepad Rotterdam

 

 

Meijer is de laatste zoon van Mozes en Sara die trouwt. Hij trouwt met Ursula Israelowicz, op een woensdag, de 23e november in 1938. De temperatuur op deze dag is rond de 13 graden. Ursula Israelowicz is de dochter van Walter Israelowicz en Erna Grüneberg. Ursula was geboren in Berlijn (Duitsland) op zondag 1 februari 1920. Als zij in het nieuwe stadhuis van Rotterdam trouwen, is Meijer 29 jaar. Ursula is Duits onderdaan, 18 jaar oud en zonder een beroep. De getuigen bij het huwelijk zijn Theodorus Kloeg, oud 34 jaar, en Adrianus van Pernis, 60 jaar. Beiden zijn bediende van beroep.

stadhuis rotterdam nieuw

Nieuwe Stadhuis van Rotterdam

Ursula is tijdens de huwelijksplechtigheid al vier maanden zwanger. Na het huwelijk gaan ze samen wonen aan de Hoogstraat, nummer.56, in Schiedam. Meijer werkt als bankbediende, vermoedelijk in Rotterdam of Schiedam.

Huwelijksakte Meijer en Ursula Kloeten

 

 

Diverse bronnen geven andere beroepen aan; zo is Meijer bankbediende, maar ook verkoper van textielproducten en grossier. Op dinsdag 18 april 1939 bevalt Ursula in Rotterdam van een dochter die de naam Yvonne zal krijgen. Na de Hoogstraat verhuizen ze naar het Newtonplein 9a. Op “de zwarte dagen van Schiedam” worden er op maandag 23, dinsdag 24 en woensdag 25 november 1942, 51 Schiedamse Joden op hun woonadres opgehaald en gearresteerd. Op één van deze drie dagen wordt ook het gezinnetje Van Kloeten opgehaald aan het Newtonplein 9a. Met zekerheid is vastgesteld dat ze op donderdag 26 november 1942 in Kamp Westerbork  te Hooghalen, Drenthe, binnen zijn gebracht. In Kamp Westerbork staan ze na een verblijf van 82 dagen op de lijst om op dinsdag 16 februari 1943 op transport (nummer 50) te worden gesteld naar Auschwitz, Polen. Hun transport omvat 25 wagons.

 

aankomst

Aankomst in Auschwitz

Samen met 1105 andere Joodse kampbewoners gaan ze een onzekere reis tegemoet. Uit de getuigenis van de heer Herzberg “Naar ik vermoed zou het transport hebben bestaan uit rond de 1200 personen. Er zullen nogal wat ouderen tussen hebben gezeten en ook vrouwen en kinderen. Welke de route van de trein door Duitsland was, weet ik niet. Wel is mij bekend, dat wij via Breslau zijn gereden. Van ontvluchtingen of overlijden onderweg heb ik niets bespeurd; de trein stond eenmaal stil om ons in de gelegenheid te stellen water te halen. Uit elke wagon mocht één man naar de pomp tot dat doel. (…) In Auschwitz aangekomen, moesten wij alleen uitstappen: de bagage moest achtergelaten worden in de coupé, of voor zoveel men er reeds in was geslaagd die naar buiten te werken, op de spoordijk. Eerst werden de mannen van de vrouwen gescheiden.

Rampe Auschwitz

Rampe Auschwitz

 

Aan de mannen werd naar hun leeftijd gevraagd. Ik had de indruk, dat de leeftijden van de geselecteerden zich bewogen tussen de 18 en de 40 jaar. Alle anderen verdwenen op vrachtauto’s. De aankomst speelde zich in het donker af. Uit Westerbork vertrokken wij op de 16e tegen de middag: in de vroege ochtend van de 18e kwamen wij in Auschwitz aan. Wat er met de vrouwen is geschied, is mij onbekend. Ik ben met ongeveer 200 man uitgezocht. Ik ken dit aantal van de appèls.” Aldus de heer Herzberg.

Zo weten we dus dat Ursula van Kloeten-Israelowicz, 23 jaar oud, en haar dochtertje Yvonne van Kloeten, pas 3 jaar, net als de hele lange rij vrouwen van transport 50, op weg zijn gegaan om -zoals hun verteld is- te douchen, om uiteindelijk in de gaskamers te worden vergast, op vrijdag 19 februari 1943.

Na de selectie -waarschijnlijk op “die Rampe”- worden de mensen die niet meteen naar de gaskamers geleid worden, in een ‘nummer’ veranderd. Al deze gevangenen moeten zich uitkleden en hun kleren met hun bezittingen in een papieren zak doen. Daarna worden ze helemaal kaal geschoren. Ze worden in een groot douchelokaal gedreven om zich te wassen met water dat vaak opzettelijk te koud of te warm is. Na het douchen krijgen ze gevangeniskleding. Daarna worden hun persoonlijke gegevens opgeschreven, en krijgen ze een nummer. Dat nummer wordt in het begin op hun kleding genaaid maar vanaf 1941 krijgen de meeste gevangenen hun nummer op hun linker arm getatoeëerd. Auschwitz is het enige kamp waar de nummers worden getatoeëerd.

Zo is met zekerheid vast te stellen dat ook Meijer deze gang heeft moeten ondergaan: hij is toegelaten tot het kamp en alsnog op vrijdag 30 april 1943 omgekomen in Auschwitz. Van zijn vrouw Ursula Van Kloeten-Israelowicz zijn haar vader, Walter Israelowicz, en haar moeder, Erna Israelowicz-Grüneberg, haar broertje Kurt Israelowicz en haar zusje Eveline Israelowicz, in Auschwitz om het leven gekomen, allemaal op woensdag 30 september 1942.

Als we in ons verhaal terugkeren naar Mozes, de vader van Meijer, heeft ook hij tenslotte de oorlog niet overleefd.

Toen de oorlog uitbrak in Nederland was Mozes 59 jaar en zijn vrouw Sara  was 53 jaar. Thuis woonde nog hun jongste twee zonen, Emanuel en Bernard, die toen respectievelijk 12 en 10 jaar oud waren. Zij woonden toen aan de van Weelstraat 39 b; daar kregen zij een oproep om zich te melden in Loods 24. En vandaaruit zijn zij uiteindelijk op transport gezet naar Kamp Westerbork. Daar, op zondag 11 oktober 1942, werden hun namen opgenoemd om zich op maandagmorgen te melden voor vertrek. Waarheen was hen niet bekend en ook zij gingen een onzekere toekomst tegemoet. Op maandag 12 oktober stond er een trein klaar die 24 wagons telde (transport 27). Er werden in totaal 1711 gedeporteerden -van wie 269 kinderen- in de wagons geladen. Uit de Auschwitz Chronicle: “14 oktober 1711 Joodse mannen, vrouwen en kinderen arriveren uit Westerbork met een transport uit Holland. Na de selectie worden 351 mannen en 69 vrouwen in het kamp toegelaten.” De resterende 1291 mensen waaronder Moses, 61 jaar, Sara, 55 jaar, Emanuel, 14 jaar, en Bernard, 12 jaar, werden onmiddellijk vergast in de gaskamers van Auschwitz.

DSC_4358-web

Links Jonathan Grüneberg en rechts Gerry Grüneberg

DSC_4361-web

 

Voor Meijer, Ursula en Yvonne van Kloeten zijn op maandag 14 mei 2018 Stolpersteine geplaatst bij hun laatste woonadres aan het Newtonplein 9a te Schiedam in aanwezigheid van de neef van Ursula van Kloeten, Gerry Grüneberg en zijn zoon Jonathan Grüneberg uit Londen.